Adama blog

Alles wat je moet weten om resistentie in bieten te voorkomen

06/03/2018

Voor een effectieve onkruidbestrijding in suikerbieten is het cruciaal om de ontwikkeling van herbicideresistent onkruid te voorkomen. Maar wat verstaan we onder resistentie of verminderde gevoeligheid en hoe ontstaat het?

Recordopbrengst 2017
In 2017 is een recordopbrengst suikerbieten geoogst. growth-3078543_1920.pngEén van de voorwaarden voor hoge opbrengsten is een efficiënte onkruidbestrijding. 

Dat vraagt van telers een uitgekiende strategie. Een belangrijke eerste stap is de juiste mix van middelen spuiten, op klein onkruid, onder goede spuitomstandigheden. Maar dat is niet alles. 

De laatste jaren zien we ook vaker resistentie.

Wanneer begon het?
De eerste resistentie trad op rond 1980. Er was een verminderde werking van de fotosyntheseremmer atrazin, een middel in maïs tegen varkensgras, melganzevoet en zwarte nachtschade. Ook ontstond resistentie tegen simazin, toegepast in boomgaarden tegen straatgras en klein kruiskruid. Inmiddels is bijvoorbeeld resistente duist een bekend en wijdverspreid fenomeen.

Wat kan ik er zelf aan doen?
Het is belangrijk dat telers de juiste maatregelen nemen om resistentie te voorkomen, dan blijven middelen beschikbaar. Dat geldt voor broertjes van atrazin: terbutylazin in maïs, metribuzin in aardappel en chloridazon en metamitron in suikerbieten. De belangrijkste maatregel om resistentieproblemen te voorkomen, is het afwisselen van herbiciden met een verschillend werkingsmechanisme. Zowel binnen teelten als tussen teelten waarbij telers dezelfde herbiciden gebruiken.

11 concrete tips tegen resistentie

Hoe wordt onkruid resistent?

Bij resresistance-1832389_1920.jpgistentie is een organisme, bijvoorbeeld een onkruid, minder gevoelig voor een werkzame stof in een gewasbeschermingsmiddel. Het onkruid overleeft een dosering van een herbicide die voorheen dodelijk was.

Resistentie, of verminderde gevoeligheid, ontstaat door selectie. Evenals bij mensen verschilt het DNA van een soort onderling. Door die variatie in het DNA kan de gevoeligheid voor een werkzame stof verschillen. Na een bespuiting legt het gros van het onkruid het loodje. Een klein deel kan ontsnappen, bijvoorbeeld doordat ze niet goed worden geraakt. Maar ontsnappers kunnen ook ongevoeliger zijn. Als dat het geval is, blijven na een tweede bespuiting met hetzelfde middel nog meer onkruiden over dan na de eerste bespuiting.

Naast resistentie zijn er ook zogenoemde tolerante onkruiden. Dat betekent dat soorten van nature ongevoelig zijn voor een bepaalde herbicide. Dat staat los van selectie door blootstelling aan middelen.

Welke soorten resistentie zijn er?
Er zijn twee soorten resistentie: versnelde afbraak en mutatie (of: wijziging van het doelwit). Bij versnelde afbraak zijn de genen van het onkruid veranderd, waardoor de actieve stof in de plant sneller afbreekt. Zo kan de plant een herbicide weerstaan.

Als deze resistentie ontstaat, zie je in het begin vaak een verminderde werkzaamheid van de bespuiting. Om eenzelfde resultaat als voorheen te boeken, moet de dosering van het middel omhoog. Je kunt door het ontstaan van nieuwe mutaties gedwongen worden de dosering steeds verder te verhogen, maar dat kan niet onbeperkt. Op een gegeven moment is de bespuiting niet meer rendabel, vormt het een te groot risico voor het milieu of is een hogere dosering niet toegelaten. 

Mutatiemutatie blog.png
Het tweede resistentiemechanisme is gebaseerd op een verandering in het genetische materiaal. Het gevolg van die verandering is dat de werkzame stof de plant niet meer op hetzelfde aangrijpingspunt kan aanpakken. Dat werkt zoals een sleutel in een slot. Het middel (de sleutel) past op een unieke plaats in een levensproces van de plant (slot). Verandert het slot, dan past de sleutel niet meer. Dan gaat de werking volledig verloren. Ook een hogere dosering werkt dan niet.

Kruisresistentie
Soms is een resistentie tegen een bepaald herbicide ontstaan en is het onkruid daarmee ook resistent tegen andere werkzame stoffen. Dat zijn dan werkzame stoffen met hetzelfde werkingsmechanisme. Dit heet positieve kruisresistentie.

Nog ingewikkelder: meervoudige resistentie
Om het ingewikkeld te maken, is er ook meervoudige resistentie. Dan heeft een onkruid meer dan één resistentiemechanisme. Het kan dan resistent zijn tegen een aantal herbiciden met verschillende aangrijpingspunten. Bij positieve kruisresistentie of meervoudige resistentie kunnen telers opeens tegen een verminderde werking van de herbiciden aanlopen.

 

11 concrete tips tegen resistentie

 

Onderwerpen: resistentie, Onkruid, actieve stof, Herbicide

Olaf van Campen

Geschreven door Olaf van Campen

Schrijf u in voor Adama email updates

Recent Posts

New call-to-action